We zien mekaar, misschien niet hier maar dan wel daar

Dat waren de laatste woorden die mijn tante L. tegen mij sprak toen ik wegging de laatste keer dat ik bij haar was. Toen wist ik nog niet dat het hier niet meer zou zijn. Of het daar is, is nog maar afwachten. Zij overleed een paar dagen later. Het was goed, al klinkt dat stom in dit verband. Ik bedoel dat het goed was dat ik afscheid heb kunnen nemen, haar nog een paar keer gezien heb voor ze overleed. Ik ging er telkens met mijn ouders heen, het was logisch om te gaan, familie tenslotte.

Nu is een collega/vriendin opgenomen in een hospice. Ze heeft al jaren kanker maar door experimentele behandelingen was er steeds nog een beetje hoop dat het beter zou worden of in ieder geval leefbaar zou blijven. Die hoop is nu weg, de behandelingen zijn gestopt en ze krijgt alleen nog pijnbestrijding. Door die morfine is ze waziger en gammeler dan ze anders wellicht zou zijn maar heeft ze veel minder last van pijn. En ze is heel moe.

Ik ben nog een paar keer op bezoek geweest toen ze nog thuis was maar ik weet niet of dit genoeg was, of het goed is zo. Of ik nog vaker op bezoek moet gaan. Ik weet niet of zij het aankan en fijn vindt en of ik het nog nodig heb. Met haar communiceren wordt steeds lastiger, het inschatten van wat zij wil vind ik moeilijk. Ik sta natuurlijk ook een stuk verder van haar af dan haar familie die nog wel bij haar is.

Ik kan alleen maar bij mezelf blijven maar dan is het al moeilijk om te weten wat ik wil.

Vragen waar ik geen antwoord op heb. Waar misschien helemaal geen antwoorden op zijn zoals op zoveel vragen, maar dat is geen reden om er niet mee te (hoeven) worstelen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *